1. Zeg niet: “Menig elanner kloeg over Leipzig als bestemming van het ElaN-weekend”, maar: “Menig elanner klaagde over Leipzig als bestemming van het ElaN-weekend.”
2. Schrijf niet: “Daarom besliste het management om deze doorsnee bestemming te vervangen door het immer zonnige Sicilië”, maar: “Daarom besliste het management om deze doorsneebestemming te vervangen door het immer zonnige Sicilië.”
3. Zeg niet: "De winnaar van de wedstrijd krijgt straks van veelkleurige Marie een driedimensioneel pretpakket”, maar: “De winnaar van de wedstrijd krijgt straks van veelkleurige Marie een driedimensionaal pretpakket.”